vangrailplanning 

Hierbij is er niet een strak doel, maar een doelcorridor, een overlevingsgebied waarbinnen diverse deeldoelen samen kunnen gaan. Door de vangrails vast te stellen blijf je daarbinnen. Die vangrails staan voor de grenzen waarbinnen het systeem waarschijnlijk niet ten gronde gaat. De vastlegging van gedragsgrenzen biedt ruimte aan de creatieve ontwikkeling van nieuwe opties en laat speelruimte voor zelfstandig handelen. Het gaat dus niet om de vraag ‘hoe bereik ik een doel?’ of ‘hoe repareer ik de situatie?’ maar om ‘hoe voorkom ik mislukking?’. In plaats van het werken naar een hoog ideaal, stel je de uiterst nihilistische vraag wat je moet doen om de situatie volkomen onmogelijk te maken.
Hoe kom je tot die grenzen?
Een veel gebruikte aanpak is de ‘zelfmoord aanpak’. De eerste vraag is: Hoe kun je zo snel en zo eenvoudig mogelijk het bedrijf/het product om zeep helpen? Wat moet je doen om dat te bereiken en wat moet je daarvoor laten?
De beantwoording van deze ongebruikelijke vraag laat je stilstaan bij cruciale systeemeigenschappen die je moet bekijken om de situatie niet verder te laten verslechteren. Daardoor komen de stilzwijgende condities om te overleven relatief duidelijk naar voren:
- welke minimale eisen garanderen het overleven?
- welk gedrag (do’s en don’ts) is daarvoor tenminste nodig?
- welke organisatorische voorwaarden zijn daarvoor nodig?
Zo kun je de grenzen tussen gewenste en ongewenste ontwikkelingen en handelingen schetsen en daarvoor een waarschuwingssysteem maken, en de bevindingen doorvertalen naar regels. Van groot belang is in dit verband duidelijkheid over de consequenties respectievelijk de stappen die bij een overschrijding van de grenzen gezet moeten worden.
Je kunt ze ook nog aanvullen met ‘early warning indicators’ waarmee je de grenzen kunt bewaken. Ook hier vinden we het begrip fuzzy weer terug: binnen welke grenzen is het nog oké?
De fout die we als adviseurs vaak maken is dat we denken dat we een groot complex probleem alleen maar door een even complexe en ideale oplossingsstrategie kan worden aangepakt. Deze methode is bijzonder geschikt voor die gevallen waarin concrete vaststelling van één concreet einddoel noch zinvol noch mogelijk is. Door deze aanpak worden de zelfsturende krachten in het systeem sterk aangesproken evenals het gemeenschappelijke gebruik van resources. Het beperkt de neiging om elkaar te saboteren. Ook wordt deze methode wel gebruikt als er sprake is van veel actoren met een relatief hoge autonomie.
De ruimte die het geeft kan ook dienen om stapsgewijze naar samenvoeging ten behoeve van een gemeenschappelijk doel te komen. In dat geval wordt het gebied steeds verder ingeperkt. Daarnaast kan de ruimte worden gebruikt om uitkomsten van een conventioneel planningsproces te testen.
 
 

 

verbinding naar: